Weeffout wet BeZaVa

Grote werkgevers betalen sinds 2014 vaak meer premie Werkhervattingskas (Whk) dan zij eigenlijk zouden hoeven. De oorzaak is een weeffout in de wet BeZaVa. Werkgevers met een premieloonsom van méér dan € 3.220.000 worden hierdoor relatief meer benadeeld ten opzichte van kleinere werkgevers.

Op basis van de per 2013 in werking getreden Wet BeZaVa worden werkgevers vanaf 1 januari 2014 aangeslagen voor (ex-)werknemers die in de periode vanaf 1 januari 2010 ziek zijn geworden. Dat gebeurt door middel van de beschikking gedifferentieerde premie werkhervattingskas (Whk). De WGA-flex-premie wordt tot en met 2016 aan alle werkgevers opgelegd. Vanaf 1 januari 2017 alleen nog aan werkgevers die geen eigenrisicodrager voor de WGA zijn. De ZW-premie wordt alleen opgelegd aan werkgevers die geen eigenrisicodrager zijn voor de Ziektewet. Grote werkgevers (met in 2017 een premieloonsom van minstens € 3.220.000) krijgen dan hun eigen schade toegerekend. Dit leidt niet zelden tot een additionele premie die twee keer hoger is dan de schade veroorzakende uitkering.

Rekenvoorbeeld van de schade

Stel, u heeft een premieloonsom van € 5 miljoen. In 2014 betaalde u een gedifferentieerde premie van 0,40% voor de ZW-flex, voor een in 2012 aan een ex-werknemer betaalde uitkering van € 15.000. Deze al in 2012 betaalde uitkering wordt aan u twee jaar later toegerekend. Uw schade in verband met deze ZW-flex-uitkering, die twee jaar kan duren, bedraagt alleen al in 2014 € 20.000 (€ 5 miljoen * 0,40%). De schade uit deze ZW-flexuitkering kan tot tien jaar doorlopen als de betreffende ex-werknemer voorts een WGA-flex-uitkering toegekend krijgt.